
Probleemstelling
Door de veredelaars worden jaarlijks nieuwe paprikarassen geďntroduceerd. Om tot een verantwoorde keuze te komen put de teler naast eigen ervaring ook uit ervaring van collega’s, adviseurs en veredelingsbedrijven.
Naast het rassenonderzoek uitgevoerd door WUR Glastuinbouw worden paprika’s in de praktijk op verschillende plaatsen onderzocht. Telersverenigingen nemen hiertoe veelal het initiatief. Soms staan er rassenproeven bij aangesloten telers, soms worden er houdbaarheidsproeven gedaan waarbij monsters uit de aanvoer worden gehaald. In het bijzonder het vermelden van de rasnamen bij genoemde houdbaarheidsproeven is niet terecht. Het gevaar bestaat dat verschillen in de proef worden verklaard door een ras terwijl mogelijk andere variabelen de verschillen veroorzaken.
Om aan deze ergernis een einde te maken hebben de Landelijke gewascommissie Paprika, P8 en de paprika veredelingsbedrijven deze zomer een voorstel voor rassenonderzoek in 2009 uitgewerkt. Uitgangspunt is dat al het onderzoek waar rassen worden beoordeeld (WUR Glastuinbouw en praktijkonderzoek) objectief en betrouwbaar onderzoek moet zijn en dat de resultaten zowel door telers, veredelaars en telersverenigingen/verkooporganisaties onderschreven worden.
Doelstelling
Doelstelling van het gebruikswaarde onderzoek paprika is “het beste” wat Nederland op rassengebied te bieden heeft naar boven halen. Alleen “het beste” is in Nederland een goede basis voor een renderende teelt.
Plan van aanpak
Het onderzoek wordt aangestuurd door de Stuurgroep Rassenonderzoek Paprika met daarin vertegenwoordigers van P8, landelijke paprikacommissie en veredelingsbedrijven. De uitvoering wordt gedaan door WUR Glastuinbouw. Op iedere proefplaats wordt minimaal dezelfde rassenserie beproefd. Elk veredelingsbedrijf dat een nieuw ras instuurt verzorgt per kleur een proefplaats. Door de paprikateler van het veredelingsbedrijf worden de waarnemingen gedaan (tellen, wegen, vruchtkwaliteit, pad en uren registratie van gewas- en oogstwerk en tijdens de teelt maken van opmerkingen over gewas en vruchten). (De kosten die samenhangen met het doen van waarnemingen op het betreffende paprikabedrijf worden door het veredelingsbedrijf vergoed.)
Naast de veredelingsbedrijven (5) worden per vruchtkleur 3 proefplaatsen door telers bijgehouden. De drie proefplaatsen worden geleverd door de telersverenigingen/verkooporganisaties.
Er wordt vanuit gegaan, dat per kleur het onderzoek op minimaal 8 proeflocaties wordt gedaan. (Indien er minder veredelingsbedrijven een nieuw ras insturen, zullen de telersverenigingen/verkooporganisaties meer dan drie proefplaatsen leveren.) Door de telers die onderzoek doen op de locaties van de telersverenigingen/verkooporganisaties worden dezelfde waarnemingen gedaan als de telers bij de veredelingsbedrijven.
Dit project wordt gefinancierd door het Productschap Tuinbouw.